SSV'65

Start Omhoog

 

 Hoofdstuk 3: "Wat te doen bij voetbalblessures"

 
 

"Wat te doen bij voetbalblessures"

Het is belangrijk om te weten wat te doen, maar het is minstens zo belangrijk om te weten wat in ieder geval niet te doen. Pijn is overigens een subjectief gegeven, dat wil zeggen eigen aan een persoon. De mate van pijn die iemand aangeeft is niet altijd een juiste aanwijzing voor de ernst van de blessure. We kennen allemaal mensen in onze (sport)omgeving die door anderen, inclusief wijzelf, “jankers” of “watjes” worden genoemd. Ook de “harde jongens” en de “bijters” worden onderscheiden. Twee uitersten van pijnbeleving die we kunnen tegenkomen bij één en dezelfde blessure.

Het is belangrijk om mensen in hun waarde te laten en het is eveneens belangrijk om u niet door deze vooroordelen te laten leiden of misleiden. Grote fouten die gemaakt kunnen worden bij eerste hulpverlening zijn het zonder de juiste beoordeling afzwakken van de pijn van de “janker” of het laten doorspelen van de “bijter” die aangeeft dat het wel gaat.

ALGEMENE ADVIEZEN TEN AANZIEN VAN DE EERSTE HULP BIJ VOETBALBLESSURES

  • Tracht tijdens een sportgebeuren uit eigen waarneming te achterhalen hoe een letsel is ontstaan. Of tracht bij de sporter zelf te achterhalen hoe het letsel is ontstaan. De ontstaanswijze kan aanwijzingen geven in welke richting een blessure en de ernst ervan moet worden gezocht en is van belang als overdracht van informatie naar deskundigen die er later bij komen.
     

  • De mate van de inwerkende kracht kan een aanwijzing zijn voor de ernst van een letsel, maar de ernst kan evenzeer beïnvloed worden door de richting waarin de ontstaanskracht op het lichaam inwerkt. Zo kan een op het oog vrij licht, onschuldig ongeval leiden tot grote beschadigingen
     

  • Vraag aan het slachtoffer zelf of aan omstanders of er een krakend geluid te horen is geweest of dat er een knappend gevoel is waargenomen. In beide gevallen is staken van de sportactiviteit het enig juiste advies.
     

  • Pijn is zoals eerder gemeld geen absoluut betrouwbare informatie ten aanzien van de ernst van een blessure, maar zwelling is dat wel. De hoeveelheid zwelling maar vooral de snelheid waarmee zwelling ontstaat, is van belang voor een juiste inschatting van weefselbeschadiging. In het algemeen kun je stellen dat een sporter die op het veld ligt of naar de kant komt met een reeds zichtbaar gezwollen enkel of knie een behoorlijke beschadiging heeft opgelopen en de sportactiviteiten onmiddellijk dient te staken. Let wel, géén directe zwelling betekent niet automatisch dat er geen ernstig letsel is ontstaan
     

  • Beoordeel of een sporter na het ontstaan van een blessure nog “normaal” kan lopen. Iemand die na tien seconden “hinken” weer zonder probleem voluit sprint wekt soms enige verbazing en irritatie bij omstanders maar het is geen onbekend verschijnsel. Iemand die na enkele minuten nog steeds voor elke leek zichtbaar afwijkend loopt, kunt u beter naar de kant halen. Doorgaan is op dat moment een risico op verdere beschadiging van een geblesseerd lichaamsdeel en een risico op andere blessures als gevolg van een veranderde manier van bewegen.
     

  • Indien een speler een getroffen lichaamsdeel in het geheel niet meer kan bewegen of niet meer op een been kan staan, hoeft u het slachtoffer waarschijnlijk niet meer te adviseren te stoppen.
     

  • Een mogelijk belangrijk gegeven in de beoordeling van de ernst van een blessure is of de optredende pijn als zeurend of als stekend/scherp wordt ervaren. Bij zeurende pijn kan het mogelijk zijn dat de activiteit wordt voortgezet; aanhoudende scherpe of stekende pijn betekent een prikkeling van zenuwen die weefselschade registreren. Staken van de activiteit is het enige advies.niet meer te adviseren te stoppen.
     

  • De stabiliteit van een gewricht is voor een leek niet te beoordelen. Na de blessure kan er een zwelling optreden. Deze zwelling zorgt er voor dat de testen, die er zijn, onjuiste informatie kunnen geven, vooral bij minder ervaren personen. U kunt echter bij de sporter informeren of hij het gevoel heeft door de enkel of knie te gaan of dreigt te gaan. Deze onzekerheid ten aanzien van de controle over een deel van het lichaam is een indicatie dat de stabiliteit verminderd is en reden genoeg om een negatief advies te geven ten aanzien van doorsporten.
     

  • Indien u ondanks alle informatie en eigen kennis niet weet wat de ernst van een blessure is en wat u er mee moet doen, neem dan geen enkel risico met uw handelingen. Blijf altijd rustig, stel het slachtoffer op zijn gemak, blijf met hem of haar praten, probeer afkoeling te voorkomen (leg niet alleen een jas of deken over maar vooral ook onder de persoon) en zorg dat zo snel mogelijk deskundige hulp ter plekke komt.

 
 

Deze website is ontwikkeld door: Cees Tims